Marktinformatie

Volgt weldra het herstel?

29 mei 2020 | Marktinformatie

Nu de meeste landen de lockdown geleidelijk aan afbouwen, nemen wij de impact van deze crisis onder de loep. In het voorbije halfjaar hebben markten zich afwisselend gefocust op positieve of negatieve berichtgeving over de evolutie van deze gezondheidscrisis en de gevolgen ervan voor de economie.

De wereld lijkt verdeeld tussen mensen die de toekomst nogal somber inzien, en zij die licht aan het einde van de tunnel ontwaren. Jerome Powell, voorzitter van de FED (Amerikaanse centrale bank), behoort eerder tot de eerste groep: “De huidige gezondheidscrisis zal de economische activiteit, de werkgelegenheid en de inflatie op korte termijn sterk onder druk zetten en dreigt ook op middellange termijn een groot risico te vormen.” De hoofdeconoom van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), Gita Gopinath, is een stuk hoopvoller: “Er zijn veel redenen tot optimisme: het aantal nieuwe coronabesmettingen gaat in dalende lijn. De ongeziene inspanningen op het vlak van onderzoek naar nieuwe behandelingen zijn hoopgevend. De snelle en ingrijpende maatregelen in vele landen zullen mensen en bedrijven redden en de voorwaarden voor een herstel creëren.”

De quarantainemaatregelen werden overal ter wereld bijna gelijktijdig genomen. De impact van die maatregelen was al even groot als abrupt, en veel groter dan bij de financiële crisis van 2008. In 2009 trof de grootste stijging van de werkloosheid op maandbasis in de VS ongeveer 835.000 mensen, in april van dit jaar stond de teller op 20 miljoen nieuwe werklozen. Dit jaar kan de werkloosheid er oplopen tot 20%. In 2008 daalde het bruto nationaal product op wereldschaal met 0,9%. Voor 2020 wordt een krimp van - 3% verwacht (- 6% voor ontwikkelde landen, -1% voor groeilanden).

Amerikaanse werkloosheidsgraad en groeivoet op 5 jaar

Bron: Reuters

De reacties van de centrale banken en regeringen waren snel en doortastend, om te voorkomen dat we ook met een liquiditeitscrisis zouden worden geconfronteerd. De maatregelen zouden een herstel in de hand moeten werken zodra de gezondheidscrisis onder controle is. Dat vooruitzicht boezemde de markten sinds april wat vertrouwen in: na een terugval van –19,6% in het eerste kwartaal veerde de MSCI World Index met 14,4% op.

Duizelingwekkende terugval van de wereldeconomie

De alarmerende cijfers over de ontwikkeling van de conjunctuur nemen toe en doen economen hun groeivooruitzichten voor 2020 voortdurend neerwaarts bijstellen. Het IMF verwacht momenteel een achteruitgang van de wereldgroei met - 3%. In 2019 bedroeg die groei nog +3%.

Het IMF verwacht momenteel een krimp van de wereldgroei met - 3%. In 2019 bedroeg die groei nog +3%.

De groei in de eurozone, waar export erg belangrijk is, zou krimpen met 7,5%. In de VS zou de economische groei oplopen tot -5,9%. Dankzij India, China en Zuidoost-Azië, die een licht positieve groei blijven vertonen, zouden de groeimarkten globaal genomen met 1% achteruitgaan, ten opzichte van een gemiddelde groei van 5% in 2019. Alles zal natuurlijk afhangen van de omvang van een eventueel herstel in de tweede helft van het jaar, na de geleidelijke afbouw van de lockdown.

Handel onder druk

De internationale handel krijgt het zwaar te verduren (naar schatting -11%) na een jaar van stagnatie als gevolg van de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China. Er was wel een kort maar broos bestand in januari 2020, maar het Witte Huis probeerde het conflict weer op te poken om er het hoofdthema van de verkiezingscampagne van te maken.

Daling van de olieprijzen

Een ongeluk komt zelden alleen. Saudi-Arabië en Rusland namen de coronacrisis te baat om hun pijlen te richten op de Amerikaanse olieproductie. Ze stelden een einde aan hun eigen akkoord om de productie te beperken. Dat deed de prijzen ineenstorten en bracht de Amerikaanse olie-industrie in een lastig parket. De sector torst namelijk hoge schulden en de productiekosten van olie liggen hoger dan de huidige olieprijs. De Amerikaanse olieprijzen werden in april zelfs tijdelijk negatief door het gebrek aan opslagruimte voor de olieoverschotten.

Inflatie blijft zeer laag

De algemene en gelijktijdige ineenstorting van de vraag en de productie door de crisis, plus de daling van de energieprijzen heeft uiteraard een impact op de inflatie. Die had het al lastig om opnieuw te evolueren in de richting van de vooropgestelde 2%. Voor de ontwikkelde landen zou de inflatie naar bijna nul zakken, voor de groeilanden naar zo’n 4%.

Zullen de maatregelen van de overheden soelaas bieden?

De regeringen en centrale banken hebben lessen getrokken uit de vorige crisissen en snel ongeziene maatregelen getroffen. De Verenigde Staten reageerden zoals gewoonlijk het snelst, maar de meeste landen lieten ook niet op zich wachten.

Liquiditeitscrisis?

Een liquiditeitscrisis vermijden was absoluut noodzakelijk, omdat ze de economische crisis nog zou vergroten door bedrijven en particulieren financieel te verstikken. De Verenigde Staten en Engeland hadden nog marge om de kortetermijnrente te verlagen en dat hebben de centrale banken dan ook gedaan: -1,5% in de VS (tot 0,65%) en -0,56% in Groot-Brittannië (tot 0,18%).

De liquiditeitscrisis had onmiddellijk gevolgen voor de dollar als reservemunt: de centrale banken namen de rol van de machteloze interbankenmarkt over door swaps in dollar af te sluiten. De markten en financiële tussenpersonen bleken evenmin in staat om te zorgen voor liquide obligatiemarkten, waardoor de centrale banken ook die rol hebben opgenomen door massaal staats- en bedrijfsobligaties op te kopen, opnieuw vooral in dollar. De Fed kocht zelfs junk bonds op (schulden met een hoog risico).

Indexfondsen

De markt voor obligatie-ETF's (indexfondsen), die nog maar sinds kort in opmars zijn, maakte haar eerste grote crisis mee. Black Rock is de grootste emittent van obligatie-ETF’s (566 miljard dollar aan uitstaande bedragen, dat is 50% van de markt). De Fed vertrouwde Black Rock het beheer toe om massaal in te grijpen in deze markt. Een potentieel belangenconflict lijkt de Verenigde Staten niet te deren.

Leningen promoten

Voorts werd alles in het werk gesteld om banken te overtuigen kredieten te blijven verstrekken en te laten aangroeien. Centrale banken beloofden bestaande leningen af te kopen en versoepelden de prudentiële regels, de staat verleende staatswaarborgen. In de eurozone kregen banken toegang tot een bijzondere financiering tegen een negatieve rente van -1%, om hen zo aan te zetten hun volumes aan kredieten op te krikken.

Injecties van de centrale banken

Het totale bedrag van deze nieuwe financiële injecties loopt in de duizenden miljarden dollars, waarvan meer dan 3.300 miljard euro enkel en alleen voor de Europese Centrale Bank. Tot nu toe is de interventie van de centrale banken een succes: de markten zijn tot rust gekomen, de volatiliteit is gedaald, de obligatierente staat erg laag en bedrijven kunnen zich nog altijd financieren.

De ECB injecteerde meer dan 3.300 miljard euro in de markten. Met succes: de beurzen kwamen tot rust, de obligatierentes bleven laag en bedrijven konden kredieten krijgen.

Ook overheden stimuleren

Het is de taak van de overheden om het economische herstel te stimuleren om te vermijden dat een slinkende activiteit uitmondt in faillissementen en andere structurele schade voor de economie. De regeringen hebben getoond dat ze deze uitdagingen aankunnen en hebben herstelplannen uitgewerkt die 3% van het wereldwijde bbp bedragen. In de Verenigde Staten loopt het herstelplan op tot 6% van het bbp. In de eurozone zijn Duitsland en Frankrijk de meest ambitieuze landen met 4% van het bbp. Beide landen stellen nu ook een Europees herstelplan van 750 miljard euro voor, waarvan 500 miljard aan geldtransfers en 250 miljard aan goedkope leningen, om de meest getroffen landen te ondersteunen. Een primeur!

Is de aangroei van de overheidsschuld een probleem?

De bruto-overheidsschuld van ontwikkelde landen, die in 2007 uitkwam op 74% van het bbp, steeg de afgelopen tien jaar gemiddeld tot 100%. Volgens het IMF zou de huidige crisis die schuld doen oplopen tot 122% van het bbp. Tot het koppeloton behoren Japan (255%), Italië (155%) en de Verenigde Staten (122%).

Het wereldwijde overheidstekort zou rond 10% moeten schommelen, met als zwakste leerling van de klas de Verenigde Staten (15,4%), gevolgd door China (11,2%). In de eurozone zouden de tekorten iets meer binnen de perken blijven (7,5%).

Verontrustend?

Volgens de zogenaamde Moderne Monetaire Theorie (MMT) mag een overheid met monetaire soevereiniteit zonder enig bezwaar onbeperkt lenen, zolang de inflatie onder controle blijft. Deze theorie lijkt de overhand te krijgen op de traditionele 'orthodoxe' theorieën die onder meer in Duitsland worden verdedigd. Volgens die MMT heeft een staat er zelfs belang bij onbeperkt te lenen om volledige werkgelegenheid te creëren wanneer werkloosheid de enige te bestrijden kwaal is, steeds binnen redelijke inflatiegrenzen. Welnu, al meer dan 10 jaar is er bijna geen inflatie meer. Voor velen is dat een paradox, gezien de enorme hoeveelheid liquide middelen die overheden en centrale banken sinds 2007 in de economie hebben gepompt. Maar in werkelijkheid volstaan die injecties amper om de gigantische monetaire vernieling te compenseren die banken en andere economische spelers in diezelfde periode aanrichtten. Zo steeg de geldsom fors tot in 2007, maar nam ze vanaf dan slechts lichtjes toe in een tempo dat vergelijkbaar is met de wereldgroei, zonder inflatie te veroorzaken.

Beleggers hoeven zich niet zozeer zorgen te maken over de begrotingen van de overheden, maar wel over die van de privésector.

De rente blijft laag en de overheidsschuld vindt makkelijk haar weg naar de markt, al lukt dat natuurlijk beter dankzij het opkoopbeleid van de centrale banken (de ECB heeft bijna 30% van de Europese overheidsschuld in handen). De aangroei van de overheidsschuld is dus op zich geen probleem. Voor staten die moeten lenen in vreemde valuta, wordt het dat wel. Dat is het geval voor veel groeilanden. Én ook voor staten die geen controle hebben over hun munt, zoals de landen van de eurozone die afhangen van één centrale bank waar ze geen grip op hebben.

Beleggers hoeven zich vandaag dus niet zozeer zorgen te maken over de financiële toestand van de overheden, maar wel over die van de privésector en de economie in het algemeen.

Hoe veerkrachtig is de economie?

Niemand weet hoe deze gezondheidscrisis zal evolueren. Statistieken tonen dat ze over haar hoogtepunt heen is in de ontwikkelde landen en in Azië. Kan een heropflakkering even intens zijn? Doorgaans ontstaan en verdwijnen epidemieën op mysterieuze en abrupte wijze. Doorslaggevend voor de economie is hoe overheden en consumenten reageren op de evolutie van de crisis.

China

China, dat zijn lockdown is beginnen af te bouwen in april, is een geruststellend voorbeeld: de samengestelde index van de economische activiteit, die in februari met 70% kelderde, kwam eind april uit in de buurt van -20%. Een andere indicator is de PMI. Deze index meet het optimisme van de economische actoren (ligt de index lager dan 50, dan voorspelt hij een inkrimping van de economie). In januari bedroeg de index 50 punten, daarna zakte hij naar 35 en in april stond hij weer op 51 punten. De recentste exportcijfers zijn eveneens geruststellend. We vermelden terloops dat AB Inbev in het eerste kwartaal een daling met 47% aankondigde van zijn verkoop in China, een daling die in april al teruggelopen was tot 16%. U leest meer in ons artikel Quo Vadis, covid-19?

Enkele Chinese macro-economische cijfers zijn geruststellend.

De rest van de wereld

Het meest waarschijnlijke scenario vandaag is een gematigd herstel in de tweede jaarhelft, gevolgd door een versnelling in 2021 en een normalisatie van de groei vanaf 2022. De bedrijfsresultaten zullen deze curve logisch gezien ook volgen. In 2020 verwachten analisten dat de resultaten met 20 tot 30% zullen dalen, gevolgd door een herstel in 2021. De terugval van de omzet zorgt voor financiële stress bij bedrijven en particulieren. Door het optreden van centrale banken, de waarborgen door overheden en de stimuli voor banken om geld te blijven lenen, zouden ze deze stressvolle periode moeten doorkomen. Waar het echt om draait, is de veerkracht, het aanpassingsvermogen en de kredietwaardigheid van bedrijven op langere termijn. 2021 zal hierover meer duidelijkheid scheppen.

Markten

De financiële markten lopen altijd een stuk voor op wat er zich afspeelt: na een forse terugval in maart hebben aandelen zich sindsdien erg goed herstel. Op 29 mei bedroeg het koersverlies van de wereldaandelenindex - 8% sinds het begin van het jaar.

Deze index wordt uiteraard fel beïnvloed door het gewicht van de Amerikaanse markt (65%), en binnen die markt door het gewicht van de technologieaandelen (25%). Technologiebedrijven wegen echter veel minder door in andere regio's. In Europa is dat slechts 6,9%. In deze crisis boden technologiebedrijven en ondernemingen gelinkt aan de gezondheidszorg het best weerstand, en dat verklaart de uiteenlopende prestaties op de verschillende financiële markten. Zo beperkte de Amerikaanse beurs haar verliezen tot –4,7% (S&P 500), terwijl ze elders groter waren: - 15,8% in Europa (Stoxx 600), - 24,3% in Groot-Brittannië (FTSE 100), - 11,6% in Azië zonder Japan. Hong Kong verliest – 17,2% (Hang Seng) en Japan beperkt het verlies tot –6,5% (Topix).

Evolutie van de wereldindex, de wereldindex zonder de VS en de Amerikaanse index sinds het begin van het jaar

Bron: Reuters

Deze wereldaandelenindex wordt fel beïnvloed door het gewicht van de VS en van de technologieaandelen.

Het doortastende optreden van de centrale banken deed de rente nog verder dalen, in het bijzonder in de Verenigde Staten (de rente op 10 jaar zakte van 1,92% naar 0,65%) en in Duitsland (van – 0,185% naar – 0,44%).

De Europese eenheidsmunt zakt licht ten opzichte van de Amerikaanse dollar en de yen, maar gaat vooruit in vergelijking met het Britse pond.

Behalve goud, dat op jaarbasis in waarde toeneemt (+ 14%), gaan alle grondstoffen sterk achteruit (- 30% voor de grondstoffenindex), als gevolg van de spectaculaire daling van de olieprijzen (- 46% voor de Brent-olieprijs).

Vooruitzichten voor beleggers

Voorzichtigheid blijft uiteraard geboden in het licht van de onzekerheid over de evolutie van de gezondheidscrisis. In China zijn er bemoedigende signalen over een mogelijk herstel van de economie in de tweede helft van het jaar. Tenzij een tweede golf van de pandemie dat herstel zou dwarsbomen.

De correctie bleef relatief beperkt wanneer u als belegger een geografisch en sectoraal goed gespreide portefeuille had die voornamelijk in de Verenigde Staten belegt. De Amerikaanse markt wordt ook in de toekomst steeds dominanter, terwijl de andere financiële markten een steeds kleinere rol spelen en meer en meer afhankelijk worden van wat er zich op Wall Street afspeelt.

De rente zou gedurende langere tijd in de buurt van nul procent moeten blijven schommelen, waardoor aandelen voor portefeuilles aantrekkelijk blijven als bron van rendement op lange termijn.

Door de lage rente blijven aandelen aantrekkelijk als bron van rendement op lange termijn.
 
 
Nederlands
Nederlands Français