Marktinformatie

Blijft de economische groei op peil?

05 maart 2019 | Marktinformatie

Wat een spectaculaire ommekeer op de beurzen. Na de barslechte maand december – met dalingen van 10 tot 20% – volgde in januari de steilste beurshausse sinds 1987. Op twee maanden tijd maakten de financiële markten het verlies van vorig jaar ruimschoots goed.

De evolutie van de huidige economische toestand doet waarnemers perplex staan. Zelden waren twee opeenvolgende jaarlijkse ontmoetingen op het Wereld Economisch Forum in Davos zo verschillend. In 2018 wreven politici, economen en zakenlui zich nog in de handen over de uitstekende conjunctuur in de belangrijkste regio’s ter wereld. Een jaar later blonken de grote politieke leiders uit in afwezigheid omwille van de politieke heisa in eigen land (shutdown in de Verenigde Staten, de gele hesjes in Frankrijk en de brexit). Bij hen die wél deelnamen was de stemming eerder voorzichtig of zelfs somber, door de berichten over de economische vertraging, de handelsoorlog en de brexit.

De recente economische cijfers brachten ook de centrale bankiers in de war: in december verheugde de Fed zich nog over de goede Amerikaanse conjunctuur en kondigde ze aan dat ze haar ‘automatische’ renteverhogingen zou voortzetten. Maar eind januari begon ze zich toch zorgen te maken over de economische groei. En ook de zwakke beurzen van december zaten haar dwars. Ze nam een bocht van 180 graden: het renteverhogingsprogramma dat in 2015 opgestart was, schort ze nu op. En ook haar balans zal ze minder snel afbouwen.

De macro-economische evolutie

Dat de economie vertraagt, is niet abnormaal gezien de lange duur van de huidige herstelcyclus. De te optimistische groeivooruitzichten op het einde van het jaar werden neerwaarts bijgesteld met ongeveer 0,5%. De terugval is enerzijds te verklaren door de politieke ontwikkelingen. Denk maar aan het isolationistische beleid van de Verenigde Staten en hun handelsoorlog met China, de brexit en de opmars van het populisme dat komaf maakt met de globalisering. Er zijn ook monetaire factoren in het spel, zoals de beperking van de kredietgroei in China en de monetaire verstrakking in de Verenigde Staten.

“Dat de economie vertraagt, is niet abnormaal gezien de lange duur van de huidige herstelcyclus."

In de VS

In de Verenigde Staten, de groeimotor onder de geïndustrialiseerde landen, kreeg de groei in 2018 een boost door de fiscale stimuli en de verhoogde importtarieven. Die steunmaatregelen van het Witte Huis zijn op zijn minst verwonderlijk, gezien de fase in de economische cyclus waarin het land zich bevindt. De positieve effecten zullen in 2019-2020 wellicht bescheidener uitvallen, waardoor de VS zich opnieuw bij het peloton van de geïndustrialiseerde landen zullen moeten voegen (verwachte groei 1,5 tot 2% versus 3,1% in 2018).

In Europa en het VK

Europa vertoont het grootste handelsoverschot ter wereld - in tegenstelling tot de VS, die met een chronisch handelstekort kampen. Dat was in het verleden volledig te danken aan het traditionele handelsoverschot van Duitsland. De andere landen in de eurozone daarentegen vertoonden een tekort op de balans. De grote crisis van 2008 dwong die landen om hun handelsbalans op te schonen. Dat leidde tot het geconsolideerd overschot van vandaag. Die afhankelijkheid van het buitenland maakt Europa natuurlijk wel kwetsbaar voor de politiek-economische ontwikkelingen bij haar belangrijkste handelspartners - China, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk.

Tijdens het laatste kwartaal van 2018 begon de economische groei te sputteren in Frankrijk, Italië en Duitsland. Dat had te maken met de dreiging van de hogere importheffingen in de Verenigde Staten, maar ook met lokale gebeurtenissen zoals de nieuwe uitstootnormen voor auto’s, de gele hesjes en het begrotingsconflict. Toch heeft de eurozone ook drie gunstige ontwikkelingen in het verschiet. Er is de verwachte stijging van de begrotingsuitgaven, meer bepaald in Duitsland (+ 0,8% van het bbp) en in Frankrijk (+ 0,4% van het bbp). Bovendien zal de uitzonderlijk lage werkloosheid – de laagste in tien jaar – en de daarbij horende loonstijging (gemiddeld 2,5%) de binnenlandse consumptie aanzwengelen. En last but not least zal de zwakke euro tegenover de dollar een concurrentievoordeel opleveren voor de Europese producenten. Dat ondersteunt wellicht de export en houdt de groei in de eurozone rond 1,5% in 2019–2020 (na 2,5% in 2017 en 1,8% in 2018). In het Verenigd Koninkrijk zorgde de eindeloze brexitsaga al voor een sterke economische vertraging. Wat de toekomst brengt, zal afhangen van de uitkomst van de onderhandelingen met de Europese partners.

In China

Ook de Chinese economie vertraagt duidelijk: de jaargroei zou in 2019 nog maar 6% bedragen, het laagste percentage van de voorbije drie decennia. Deze vertraging is in eerste instantie het gevolg van regeringsmaatregelen om iets te doen aan de hoge schuldenberg van overheden en bedrijven. En ook de importheffingen van de Verenigde Staten doen de economie natuurlijk geen deugd. President Trump voerde al importheffingen in op 250 miljard dollar aan Chinese producten, een heffing van 10% die de Amerikaanse regering dreigt te verhogen tot 25 % en uit te breiden naar nog eens 200 miljard dollar aan Chinese import. Er zijn intensieve onderhandelingen aan de gang, maar ongeacht de uitkomst zal het politiek-economische conflict tussen beide rivalen voortduren. Elk akkoord zal slechts een wapenstilstand zijn die de spanningen wat verlichten. De Chinese regering zal er opnieuw alles aan doen om een al te grote terugval van de groei te voorkomen. Ze kondigden een nieuwe rist herstelmaatregelen aan die de overheidsinvesteringen aanwakkeren en banken aanzetten om kredieten te verstrekken. Deze maatregelen zijn ook noodzakelijk om China een sterke onderhandelingspositie te geven bij het handelsoverleg met de Verenigde Staten.

De Chinese vertraging heeft een aanzienlijke impact op de groei van de wereldeconomie, want China heeft daar sinds 2008 gemiddeld een derde toe bijgedragen. Die mondiale groei handhaafde zich tot in 2018 rond 4%, maar zou de komende jaren dalen tot zo’n 3,5%.

“ De angst voor een recessie lijkt overdreven gezien de veerkracht van de economieën. ”

Vertraging van de economische groei of recessie?

De economische vertraging is een feit, maar een nieuwe recessie is niet aan de orde. De verschillende economieën lijken immers veerkrachtig. In de Verenigde Staten worden nog altijd veel jobs gecreëerd, net als in Europa, hoewel het tempo afneemt. Bovendien zorgt de krappe arbeidsmarkt voor loonstijgingen en dus voor meer koopkracht, wat de binnenlandse vraag duurzaam ondersteunt. De werkloosheid staat in veel regio’s op het laagste peil van de afgelopen tien jaar: ongeveer 4% in de VS en rond de 8% in de eurozone.

De centrale banken zullen de conjunctuur van hun regio nauwlettend in de gaten houden. De Fed kondigde eind januari alvast aan de rente voorlopig niet verder te verhogen. Daarmee veranderde ze het geweer van schouder, want ze was in 2015 al gestart met renteverhogingen. De centrale banken van Australië en het Verenigd Koninkrijk volgden de Fed: renteverhogingen zijn daar momenteel uitgesloten. De Indiase centrale bank daarentegen wil de economie wél nog een duwtje in de rug g even. Zij liet de rente met 0,25% zakken.

Balans van de Fed en de ECB als % van het bbp

Dat de centrale banken niet aarzelen om tot actie over te gaan, zagen we na de bankencrisis van 2008. Toen injecteerden ze massaal veel geld in de economie door obligaties te kopen, waardoor hun balans aanzienlijk toenam. In 2015 begon de Fed aan de afbouw van haar balans, maar daar komt ze sinds kort op terug, gezien de precaire situatie van de beurzen en de economie. De Europese Centrale Bank (ECB) handhaaft voorlopig haar balans. De grafiek hierboven illustreert deze acties.

Er is duidelijk nog marge voor de centrale bankiers om zich te focussen op de groei. De inflatie blijft immers momenteel goed onder controle, zelfs bij de historisch lage werkloosheid en hogere lonen.

“De koerswijziging van de Fed leidde tot een spectaculair herstel van de beurzen."

De politieke ontwikkelingen, vooral in de Verenigde Staten, vormen het grootste risico voor de economische groei. We vernoemen de torenhoge douanetarieven tegen China en Europa, de spanning tussen de Republikeinse regering en het Democratisch parlement en de controversiële acties van de president. Daarnaast moeten we ook de evolutie van de wereldschuld in het oog blijven houden. De schuldenberg bleef sinds 2008 toenemen, vooral in groeilanden en zeker in China. In de Verenigde Staten werd de schuldafbouw van de gezinnen ruimschoots gecompenseerd door de toename van de schulden van de overheid en de bedrijven. De centrale bankiers zijn zich wel degelijk bewust van de kwetsbaarheid van een economie die overladen is met schulden. Een renteverhoging zou grote gevolgen hebben voor de reële economie en de financiële markten, terwijl die slechte beurzen op hun beurt ook impact hebben op de reële economie. De recente koerswijziging van de Fed is in die context niet los te denken van de correctie op Wall Street in december 2018.

Evolutie van de financiële markten

2018 was voor de financiële markten een erg turbulent jaar, voor vrijwel elke activaklasse. Met name in december reageerden de markten heel gevoelig op de politieke ontwikkelingen en het vooruitzicht van een vertragende wereldeconomie, terwijl ze zich verstoken voelden van de steun van de centrale banken. De ongelukkige verklaring van Fed-voorzitter Powell dat hij ‘automatisch’ renteverhogingen zou blijven doorvoeren, had uiteraard een rampzalig effect op de markten. De koerswijziging van de Fed eind januari leidde tot een spectaculair herstel van de beurzen dit jaar. De aangekondigde vooruitgang in de handelsgesprekken tussen China en de VS bleek ook geruststellend. Per 28 februari stegen de aandelenmarkten sinds het begin van het jaar in lokale munt met 11,1% % in de Verenigde Staten (S&P 500), met 10,4% in Europa (Stoxx 600) en met 9,5% in Azië zonder Japan (MSCI Asia ex Japan). Op de obligatiemarkten zien we een gemengd beeld. In de VS steeg de rente op overheidsobligaties met looptijd 10 jaar licht tot 2,72%, de tienjarige rente voor Duitse overheidsobligaties daalde tot 0,18%. De index van bedrijfsobligaties steeg 0,88%. Op het vlak van deviezen hielden de markten het relatief rustig, met een lichte stijging van de Amerikaanse dollar ten opzichte van de euro (1 dollar = 0,88 euro) en een behoorlijke algemene prestatie van de groeimunten.

Evolutie van de markten in 2019

Wat brengt 2019?

Een nieuwe stijging van de aandelenkoersen, na hun uitzonderlijke prestatie in de eerste weken van 2019, zou veronderstellen dat de aangehaalde politiek-economische hindernissen wegvallen en een groeiherstel inluiden. De bedrijfsresultaten zullen in 2019 in principe een bescheiden stijging laten optekenen tussen 0 en 5%. Die evolutie ligt in de lijn van de huidige marktwaarderingen, maar is wel beduidend minder dan de 15% stijging van de resultaten in 2018.

De aanhoudend lage rendementen van obligaties (die meestal negatief zijn rekening houdende met de inflatie) blijven een belangrijke ondersteunende factor voor de aandelenkoersen. De dividendrendementen liggen een pak hoger dan de coupons van obligaties. Voorzichtigheid blijft dit jaar wel geboden.

 
 
Nederlands
Nederlands Français