Cadelam

“Onze portefeuilles trotseren de hoge golven”

23 oktober 2020 | Cadelam

U krijgt in onze nieuwsartikels en video’s vaak te horen: “Cadelam, de fondsenbeheerder binnen groep Delen, volgt die of die strategie”. Maar wie is Cadelam eigenlijk? En wat is de relatie met de bank? Beide partijen zaten – coronaproof – rond de tafel. René Havaux, CEO van de bank, nestelde zich in de rol van een volleerd moderator. Gregory Swolfs, gedelegeerd bestuurder van Cadelam, en Paul De Meyer, een van de fondsenbeheerders daar, blikten samen met hem terug op een tumultueuze periode, en keken met gerust gemoed naar wat komen gaat.

Voor we van wal steken, laten we René kort de positie van Cadelam kaderen.

René Havaux: Onze dochter Cadelam treedt op als beheervennootschap van de fondsen waarin onze klanten kunnen investeren.  Daarbij worden een aantal basisprincipes gehanteerd: de kapitalen worden belegd vanuit een langetermijnvisie, alert maar risicobewust, en volgens welgedefinieerde duurzame regels. Het gaat om een aanzienlijk bedrag: 22 miljard in patrimoniale fondsen (gemengde fondsen) van de 30 miljard die wij in België toevertrouwd kregen (cijfers van begin oktober 2020, red.). De samenwerking gaat trouwens al een hele tijd terug, van 2007 toen de bank de beheervennootschap Capfi overnam. Zo ontstond Capfi Delen Asset Management, kortweg Cadelam.

2020 had al heel wat verrassingen in petto. Hoe hebben jullie dat bij Cadelam ervaren?

Gregory Swolfs: We hebben ons dit jaar inderdaad nog geen moment verveeld. En gelukkig hebben we altijd kunnen doorwerken, ook tijdens de lockdownperiode. Dat hebben we te danken aan de snelle reactie van het geweldige IT-team van de bank dat ons mee ondersteunt. Ze stelden ons meteen van thuis uit in verbinding met de collega’s en met alle IT-systemen die wij nodig hebben, zoals Bloomberg. Los van dat technische aspect was ook het vertrouwen dat de bank in ons stelde heel tastbaar. Zelfs toen de beurzen in maart in vrije val gingen en daarna razendsnel opnieuw de hoogte inschoten. Dat vertrouwen gaf ons de mogelijkheid om het hoofd koel te houden, en de kapitalen met vaste hand door de storm te loodsen.

Hoe moeten we ons die turbulente periode voorstellen? Kwamen daar plots veel transacties bij kijken?

Paul De Meyer: De coronacrisis zagen ook wij – uiteraard – niet aankomen. En toch hadden we de portefeuille er goed op voorbereid. Ik ga even terug naar 2019, een bijzonder fijn jaar voor beleggers. Cadelam maakte toen gebruik van de gunstige markten om het risico van de portefeuille te verlagen. In de aandelenportefeuilles verhoogden we onze posities in thema’s waar we rotsvast in geloven: e-commerce, cloud, vergrijzing, enzovoort. Daarmee verhoogden we de blootstelling aan de VS, waar de belangrijkste spelers zitten. In het obligatiegedeelte kregen we te maken met obligatiekoersen die dermate gestegen waren, dat het rendement vaak niet meer opwoog tegen het risico. Daarom kozen we voor meer spreiding en voor kwalitatieve, liquide obligaties. Die acties speelden later tijdens de crisis eens te meer in ons voordeel. Enkele aanpassingen hier en daar volstonden om het schip recht te houden. We verhoogden onze posities in bedrijven met een oerdegelijke balans en in sectoren die niet te lijden hadden onder de crisis, of er zelfs hun voordeel mee deden. De forse correctie gebruikten we om aandelen op te pikken die op lange termijn nog steeds aantrekkelijke groeiperspectieven bieden.

René HavauxDe basis zat al langer goed, nog voor de crisis toesloeg. Het doet me denken aan de uitspraak van de vader van Jacques Delen: “Je kan niet net op tijd voorzichtig worden.” Dit is hier de perfecte illustratie van.

Gregory Swolfs: Dat klopt. Ook wij schrokken van de kracht van de correctie, en van het snelle en spectaculaire herstel nadien. En daarom blijven wij hameren op dat langetermijnperspectief. Zeker in een woelige periode moet je je ogen richten op een wat verdere toekomst. Een perfecte timing van instappen en uitstappen is gewoonweg niet mogelijk. Verkopen tijdens de correctie was het slechtste dat je kon doen. Mensen die terug wilden instappen bij een volgende correctie waren eraan voor hun moeite, want die kwam er niet.

We zagen de coronacrisis niet aankomen. En toch hadden we de portefeuille er goed op voorbereid.
Paul De Meyer

Als we nu uitzoomen: hoe werken jullie in het algemeen de investeringsstrategie van Cadelam uit?

Gregory Swolfs: Cadelam werkt volgens een top-down scenario. We starten bij het brede macro-economische verhaal. Daaruit destilleren we grote thema’s, die volgens ons de wereld vorm gaan geven op middellange termijn: digitalisering, verstedelijking en vergrijzing bijvoorbeeld. Dan identificeren we de sectoren die hierin een hoofdrol gaan spelen: de cloud, e-commerce, infrastructuur, farma. Ten slotte kiezen we er de best-in-class-bedrijven uit: financieel gezonde spelers met een slimme strategie, en met – zeer belangrijk – een duurzame aanpak.  Zo kom je tot een robuuste aandelenportefeuille.

Robuust, maar ook heel uitgebreid. Hoe volgen jullie al die bedrijven op?

Paul De Meyer: We nemen inderdaad deel aan de hele wereldeconomie, via een geografisch zeer gespreide portefeuille. Het Cadelam-team beschikt over heel wat technische hulpmiddelen. Onze IT-systemen helpen om de aandelen realtime op te volgen, via rapporten, alerts en een performant ordersysteem. We weten dus op elk moment waarom het rendement van de portefeuilles evolueert binnen de gegeven marktcontext. Daarnaast krijgen we ondersteuning van externe partijen: analisten en economen waarop we altijd beroep kunnen doen. Gezien de grootte van het vermogen in patrimoniale fondsen dat we beheren – 22 miljard euro – worden we op onze wenken bediend.

We blijven hameren op dat langetermijnperspectief. Zeker in een woelige periode moet je je ogen richten op een wat verdere toekomst.
Gregory Swolfs

Over naar de obligaties dan. Hoe kies je die? Het aanbod is enorm.

Paul De Meyer: Dat is zo. Maar eens we bedrijven hebben geselecteerd na onze top-downanalyse waar Gregory over sprak, kopen we zowel aandelen als obligaties. Daaruit kiezen we de meest liquide obligaties. Die lijst spreiden we dan zo ruim mogelijk, met bepaalde accenten in functie van onze marktovertuiging. In de lagerenteomgeving van vandaag verkiezen we debiteuren met een hoge kredietwaardigheid. Qua looptijd diversifiëren we zo veel mogelijk.

Het aantal lijnen in de obligatieportefeuille ligt nog een stuk hoger dan bij aandelen. Waarom?

Paul De Meyer: De redenering is als volgt. Het aandelenstuk is gericht op het potentieel rendement van de portefeuille. Obligaties daarentegen hebben een beperkt en laag rendement. Het dient als schokdemper. Maar om die functie naar behoren te vervullen, is spreiding essentieel. Stel dat je een portefeuille hebt van tien obligaties, en één bedrijf komt door een onverwachte gebeurtenis – de coronacrisis bijvoorbeeld – in de problemen. De koersen van de uitstaande obligaties stuiken in elkaar. Een koersverlies van pakweg 10% kan je nooit meer goed maken met die negen andere obligaties. Daarom houden we onze blootstelling per emittent heel laag.

Als die opbrengst van de obligaties dan toch zo laag is, waarom investeer je er dan überhaupt in?

Gregory Swolfs: Het obligatiedeel heeft een heel specifieke functie, namelijk de mogelijke schokken van de aandelen opvangen. Dat compartiment is dus defensief samengesteld, en nu meer dan ooit,  omdat we enige deining op de beurzen niet uitsluiten. We kiezen resoluut voor obligaties met een heel hoge kredietwaardigheid en met een goede verhandelbaarheid of liquiditeit. Dynamischere obligaties kunnen ook, tenminste als het extra rendement opweegt tegen het extra risico. En zoals Paul uitlegde, kiezen we voor een brede spreiding van debiteuren en looptijden.

René Havaux: Ik vergelijk die functie van obligaties graag met een zeilschip. De kiel van het schip wordt verzwaard met lood. Akkoord, dat vertraagt de vaart van het schip in volle race. Maar in stormweer stabiliseert dat gewicht het schip, en zet het de boot weer recht op zijn as. Dat is exact wat obligaties doen: ze houden de portefeuilles recht in zwaar beursweer.

Waarom obligaties als ze niets opbrengen? Vergelijk het met het lood in de kiel van een zeilschip. Het vertraagt het schip in volle race, maar in stormweer zorgt het voor stabiliteit.
René Havaux

De term ‘duurzaam’ viel daarnet. Het is een vaak geclaimd woord, dus hoe maken jullie het verschil?

Gregory Swolfs: Hét grote verschil met andere spelers is dat wij ons duurzaamheidsproces toepassen op de totaliteit van elke portefeuille, voor álle klanten die in onze huisfondsen investeren. De 22 miljard patrimoniale fondsen waar René over sprak, plus onze andere huisfondsen brengen het totaal op ruim 26 miljard euro. Dat is een machtige hefboom natuurlijk.

En wat moeten we ons voorstellen bij dat duurzaamheidsproces?

Gregory Swolfs: Laat me eerst benadrukken dat financieel rendement voor de klant hand in hand gaat met een duurzame investering. Het gaat terug – alweer – op ons langetermijnperspectief: een bedrijf dat een langdurige aantrekkelijke winstgroei ambieert, ontsnapt niet aan de terechte eis om op een maatschappelijk verantwoorde manier zaken te doen. Ons duurzaam investeringsproces is gestoeld op drie pijlers. De eerste is eenvoudig: we sluiten niet-duurzame bedrijven uit van onze portefeuilles. Verder treden we in dialoog met bedrijven om hen te helpen hun duurzaamheidsbeleid te verbeteren. Het stemrecht dat je als klant onrechtstreeks aanhoudt, is een concrete stok achter de deur. En de derde pijler is de integratie van niet-financiële parameters in het beslissingsproces. Bij onze investeringen houden we dus ook rekening met criteria als ecologie, samenleving en goed bestuur.

Hoe kijken jullie naar de laatste drie maanden van het jaar? Er hangt nog wel wat volatiliteit in de lucht.

Paul De Meyer: De volgende weken zouden wel eens woelig kunnen blijven. De Amerikaanse verkiezingen komen eraan, de brexitonderhandelingen bereiken een slotfase, en het coronavirus raast opnieuw door grote delen van de wereld. Er is dus veel onzekerheid, en dat hebben de markten niet graag. Daarom houden we onze defensieve obligatiebuffer in tact. Daar kunnen we geen rendement van verwachten, dat moet van de aandelen komen. We kijken vandaag naar sectoren die het zwaar te verduren kregen maar die na de crisis – en een einde aan de crisis komt er – goed geplaatst zijn om hun groeitraject verder te zetten.

Gregory Swolfs: Precies, we focussen ons op wat er na die turbulente periode komt. En dan zie ik toch een aantal positieve elementen. Vroeg of laat komt er een vaccin. Innovatieve bedrijven zullen zich heruitvinden en sterker uit deze crisis komen. Voeg daarbij de gigantische steun vanuit de centrale banken en de overheden, en we krijgen toch een vrij rooskleurig plaatje op middellange termijn.

René Havaux: Ik sluit me daar volledig bij aan. De fundamenten van de portefeuilles zijn robuust genoeg om kortstondige schommelingen op te vangen. Onze portefeuilles trotseren de hoge golven. Wie zijn blik iets verder in de toekomst legt, hoeft zijn slaap niet te laten voor de dagelijkse paniekberichten en onheilsspellers. Heren, ik vind het een plezier om met jullie te mogen samenwerken.