Actualiteit

De drie werven van de euro

29 november 2019 | Actualiteit

De euro viert dit jaar zijn twintigste verjaardag. In een eerder artikel las u dat de euro een succes is geworden, ook al staat de munt nog steeds in de steigers. De fundamenten moeten nog verder versterkt worden. En daar is unanieme politieke steun van de lidstaten voor nodig.

Drie belangrijke projecten wachten nog op uitvoering. Die zijn nodig om van de Europese munt een volwaardigere, stabielere en sterkere internationale munt te maken.

Integratie van de kapitaalmarkten en banksystemen

Europa wil een netwerk van financiële centra ontwikkelen dat geleidelijk de rol van Londen kan overnemen na de brexit. Het gaat wellicht om Frankfurt, Parijs, Amsterdam en misschien Luxemburg en Brussel.

Centraal garantiesysteem voor spaartegoeden

Spaarders moeten bij alle Europese banken dezelfde garantie krijgen. Stel dat er deining ontstaat op de financiële markten, dan hebben spaarders in risicovolle eurolanden de neiging om hun spaartegoeden over te plaatsen naar veilige landen. Die sterkhouders moeten dan via het compensatiesysteem van centrale banken uit de eurozone (Target) geld uitlenen aan de risicovolle eurolanden. De Duitse centrale bank leent vandaag liefst 900 miljard euro uit op die manier. Het geld gaat vooral naar Italië, Spanje en Griekenland. Duitsland is lang terughoudend geweest over een gemeenschappelijk garantiesysteem. Maar de Duitse minister van Financiën zou zich ondertussen toch wat inschikkelijker opstellen.

Een omvangrijke Europese begroting

Een Europese begroting is nodig als tegengewicht voor de bezuinigingen die de eurolanden in tijden van crisis moeten doorvoeren. Dat is wel de belangrijkste les die we uit de crisis van 2008 en 2012 hebben geleerd. De zwakste lidstaten hadden onvoldoende speelruimte om hun economie aan te zwengelen. Een monetaire ingreep bleek onmogelijk omdat hun deviezenvoorraad geslonken was. En veel marge op de begroting was er ook al niet, want Europese verdragen dwongen hen tot een begrotingsevenwicht. In zulke situaties is een Europese begroting onmisbaar. Kijk maar naar andere federale staten, zoals de Verenigde Staten en Zwitserland. Daar moeten de deelgebieden hun begroting in evenwicht houden, maar tegelijk kan de federale overheid het begrotingstekort fors laten oplopen. De ECB, de Europese Commissie en Frankrijk zijn voorstander van een Europese begroting, maar Duitsland en Nederland liggen dwars. Nochtans leidde de doorgedreven begrotingsdiscipline al tot heel wat spanningen, met name in Italië. En op termijn kan het zelfs een bedreiging vormen voor de eenheid van de monetaire unie.

De toekomst van de euro moet dus nog verder gestalte krijgen. Dat zal in sterke mate afhangen van de wil en de beslissingen van de verschillende lidstaten. We zijn benieuwd naar de ontwikkelingen in de volgende jaren.

 
 
Nederlands
Nederlands Français